Dezelfde diagonaal, andere vorm

Een lang en smal scherm kan dezelfde diagonaal hebben als een korter en breder scherm. Ook schermranden veranderen hoeveel behuizing je vasthoudt. Daarom kunnen twee telefoons van 6,3 inch merkbaar anders passen.

Probeer in de winkel een bericht met één hand te typen en een knop boven aan het scherm aan te raken. Zo merk je of je je grip steeds moet verplaatsen. Kijk ook of het toestel in je broek- of jaszak past. Gebruik bij voorkeur een vergelijkbaar hoesje als thuis: dat maakt de telefoon breder en dikker.

Groot scherm betekent niet automatisch grote tekst

De ingestelde tekstgrootte en weergaveschaal bepalen hoeveel informatie zichtbaar is. Vergroot op beide telefoons het lettertype tot een prettig niveau. Controleer vervolgens een berichtenvenster, toetsenbord en navigatiekaart. Daarmee zie je of extra schermruimte werkelijk bruikbaar is.

Let extra op bij vouwbare modellen

Een fold heeft een groot binnenscherm én een buitenscherm. Vergelijk gesloten afmetingen voor het dragen en geopende afmetingen voor het werken. Een flip vouwt een lang scherm compact op, maar krijgt daardoor een dikkere gesloten vorm. Lees ook het verschil tussen fold en flip.

Een rekenvoorbeeld: 6,1 inch is ongeveer 15,5 cm

Eén inch is 2,54 centimeter. Een scherm van 6,1 inch meet diagonaal dus ongeveer 15,5 cm; 6,7 inch is ongeveer 17,0 cm. Dat is niet de hoogte van de telefoon en ook niet de breedte van het beeld. Een diagonaal loopt schuin over het scherm.

Leg voor je keuze de breedte en het gewicht van je huidige toestel naast die van de nieuwe modellen. Vind je je huidige telefoon net te breed, dan is een smaller model een logischer vertrekpunt dan een willekeurige grens van 6,3 inch. Voor lezen en grote toetsen kan extra breedte juist prettig zijn. Zo beoordeel je of een telefoon compact genoeg is.

Bronnen bij dit artikel

Voor dit artikel gebruiken we de documentatie hieronder.

Artikel bijgewerkt op 7 oktober 2026. Een fout gezien? Zo geef je een correctie door.