Ontwerp
Uitvoering (gewoon, Fold of Flip)
Of de telefoon één vaste behuizing heeft of kan vouwen.
Een gewone telefoon heeft één vast scherm. Een Fold klap je open als een boek tot een groot binnenscherm, bijvoorbeeld om twee apps naast elkaar te gebruiken. Een Flip vouw je juist dubbel, zodat hij kleiner in je zak past. Welk type bij je past, lees je in Fold of flip kiezen.
Hoogte
De lengte van de telefoon van boven- tot onderrand, in millimeter.
Een hoge telefoon steekt verder uit je broekzak, en met één hand reik je minder makkelijk naar de bovenkant van het scherm. Bij een vouwtelefoon staat hier de hoogte in dichtgeklapte stand. De Galaxy Z Flip7 is dichtgeklapt 85,5 mm hoog, de Galaxy S25 146,9 mm.
Breedte
De afstand tussen de linker- en rechterrand, in millimeter.
De breedte bepaalt vooral of je de telefoon prettig met één hand vasthoudt, omdat je vingers om het toestel heen moeten. Een hoes maakt de telefoon nog iets breder. Bij een vouwtelefoon staat hier de breedte in dichtgeklapte stand. Meer hierover in een compacte telefoon kiezen.
Dikte
Hoe dik de behuizing is, in millimeter.
Een uitstekende camera maakt de telefoon op die plek dikker, maar niet iedere fabrikant telt die mee in de opgegeven dikte. De dunste niet-vouwbare telefoons op deze site zijn de iPhone Air met 5,64 mm en de Galaxy S25 Edge met 5,8 mm. Vouwtelefoons staan er in dichtgeklapte stand in.
Gewicht zonder hoes
Wat de telefoon weegt zonder hoes, in gram.
Gewicht merk je het meest als je lang leest, videobelt of liggend een serie kijkt. Een verschil van een paar gram valt minder op dan een verschil van een paar tientallen grammen. Een hoes komt er nog bij. Hoeveel verschil 20 gram maakt, lees je in dit artikel over gewicht.
Materiaal
Waarvan de achterkant en de rand van de behuizing zijn gemaakt.
Veelgebruikte materialen zijn glas, aluminium, titanium en kunststof. Ze bepalen mee hoe zwaar de telefoon is en hoe hij aanvoelt. Bij de iPhone 17 Pro is de behuizing van aluminium met een achterkant van Ceramic Shield. Een glazen achterkant kan bij een val breken, ook als de rand van metaal is.
Bescherming tegen stof en water (IP-code)
Een code van twee cijfers die zegt hoe goed de telefoon in een test bestand was tegen stof en water.
Het eerste cijfer gaat over stof: een 6 betekent stofdicht. Het tweede gaat over water: 4 staat voor spatwater, 7 voor tijdelijk onderdompelen en 8 voor onderdompelen onder voorwaarden van de fabrikant, bij de iPhone 17 tot 6 meter diep. Een 9 staat voor krachtige, hete waterstralen en is een aparte test, daarom staat er soms IP68 en IP69 naast elkaar. De bescherming kan door slijtage of een val afnemen. Meer in IP67 en IP68.
Batterij zelf te verwisselen
Of je de batterij zelf kunt vervangen zonder de telefoon als reparatie open te maken.
Bij ‘ja’ maak je de achterkant los en neem je de batterij eruit, zoals bij de Fairphone 5. Bij ‘nee’ kan de batterij meestal nog wel worden vervangen, maar moet een reparateur de gelijmde behuizing openen. Of dat de moeite waard is, lees je in batterij vervangen of een nieuwe telefoon.
Scherm
Schermdiagonaal
De schermmaat in inch, schuin gemeten van hoek tot hoek.
Eén inch is 2,54 centimeter, dus een scherm van 6,1 inch meet schuin ruim 15 centimeter. Twee schermen met dezelfde diagonaal kunnen anders gevormd zijn, bijvoorbeeld smaller en langer. Hoe groot de telefoon in je hand is, zie je daarom beter aan de breedte. Bij een vouwtelefoon staat hier het binnenscherm.
Buitenscherm
Het scherm aan de buitenkant van een vouwtelefoon.
Op het buitenscherm lees je meldingen en gebruik je apps zonder de telefoon open te klappen. Bij de Galaxy Z Fold7 is het 6,5 inch, ongeveer zo groot als een gewoon telefoonscherm, bij de Galaxy Z Flip7 4,1 inch. Welke apps op het buitenscherm werken, verschilt per model.
Schermtechniek (OLED, AMOLED, LCD)
Welke soort scherm de telefoon heeft, meestal OLED of LCD.
Bij OLED geven de beeldpunten zelf licht. Een zwart beeldpunt kan helemaal uit, waardoor zwart echt donker blijft. AMOLED is de manier waarop OLED-schermen in telefoons meestal worden aangestuurd, en namen als Super Retina XDR en Dynamic AMOLED zijn merknamen. Een LCD-scherm heeft een aparte achtergrondverlichting. Meer in OLED en AMOLED.
Resolutie
Het aantal beeldpunten in de breedte en de hoogte van het scherm.
Een scherm van 1080 × 2400 heeft 1080 beeldpunten naast elkaar en 2400 onder elkaar. Samen vormen die punten tekst en beeld. Hoe scherp dat oogt, hangt ook af van de schermmaat: dezelfde resolutie op een groter scherm geeft grotere beeldpunten. Daarom staat de pixeldichtheid er apart bij.
Pixeldichtheid (ppi)
Hoeveel beeldpunten er op een inch scherm passen.
Ppi staat voor pixels per inch. Hoe dichter de punten op elkaar zitten, hoe moeilijker je ze los ziet. Rond 400 ppi ziet tekst er op een telefoon bij een gewone kijkafstand al scherp uit, en een hoger getal ziet niet iedereen terug. Meer in hoe scherp een telefoonscherm moet zijn.
Verversingssnelheid (Hz)
Hoe vaak per seconde het scherm een nieuw beeld kan tonen, in hertz (Hz).
Bij 120 Hz ververst het scherm tot 120 keer per seconde, bij 60 Hz tot 60 keer. Scrol je door een webpagina, dan oogt de beweging bij 120 Hz vloeiender, omdat het scherm meer tussenstappen laat zien. In de tabel staat het hoogste getal bij gewoon gebruik. Een game moet zelf ook genoeg beelden per seconde maken om daar iets aan te hebben. Meer in 60, 90 of 120 Hz.
Always-on display
De tijd en meldingen blijven zichtbaar op het vergrendelde scherm.
Zo zie je in één oogopslag of er een bericht is, zonder de telefoon te ontgrendelen. Op de iPhone 17 kun je de functie ook uitzetten. Sommige modellen tonen het scherm alleen even na aanraken, en dat staat dan in de tabel. Meer in always-on display.
HDR-scherm
Een scherm dat heldere en donkere delen van een foto of video tegelijk met meer detail kan tonen.
Denk aan een felle lucht boven een schaduwrijke straat: met HDR blijven zowel de wolken als de details in de schaduw zichtbaar. Daarvoor moeten het scherm, de video en de app dezelfde soort HDR ondersteunen. Meer in HDR op een telefoon.
Standaardhelderheid (fabrikant)
Hoe fel het scherm volgens de fabrikant bij gewoon gebruik kan worden, in nits.
Dit is de helderheid die de fabrikant opgeeft zonder de extra felle stand voor buiten. In fel zonlicht kan de telefoon met automatische helderheid vaak nog een stap hoger gaan, en die waarde staat apart bij de buitenstand. Wat nits zijn, lees je bij nits.
Helderheid in buitenstand (fabrikant)
Hoe fel het scherm in fel zonlicht tijdelijk kan worden, volgens de fabrikant.
In de zon verhoogt de telefoon de helderheid extra, zodat je een kaart of bericht kunt blijven lezen. Dat werkt meestal alleen met automatische helderheid aan. Wordt de telefoon warm, dan kan hij de helderheid weer verlagen. Tips staan in een scherm aflezen in zonlicht.
Helderheid bij HDR (fabrikant)
Hoe fel lichte delen van HDR-beelden volgens de fabrikant kunnen worden.
Bij een HDR-video kunnen kleine lichte delen, zoals een lamp of de zon, extra fel oplichten. Het getal gaat over die delen. Een gewone webpagina of foto komt over het hele scherm niet zo hoog.
Piekhelderheid (fabrikant)
De hoogste helderheid die de fabrikant noemt, meestal voor een klein deel van het scherm en korte tijd.
Een piek van 3.000 nits geldt voor een klein licht vlak, zoals een lichtpunt in een film, en meestal niet voor een volledig witte webpagina. Voor lezen buiten zeggen metingen met een groter wit vlak meer. In de test van Notebookcheck haalde de Pixel 9 Pro 2.016 nits met een volledig wit beeld en 3.101 nits met kleinere lichte delen.
Nits (helderheid)
De eenheid waarin de helderheid van een scherm wordt uitgedrukt.
Eén nit is één candela per vierkante meter (cd/m²): hoe hoger het getal, hoe meer licht het scherm geeft. Bij één telefoon staan vaak meerdere waarden, zoals de standaardhelderheid, de buitenstand en de piek, en die gelden elk voor een ander soort beeld. Vergelijk daarom dezelfde soort waarde bij twee telefoons. Voorbeelden staan in nits en schermhelderheid.
LTPO
Een techniek in het scherm waarmee de telefoon veel minder vaak kan verversen als het beeld stilstaat.
LTPO staat voor Low-Temperature Polycrystalline Oxide en zit in de laag die de beeldpunten aanstuurt. Scrol je, dan ververst het scherm snel, bijvoorbeeld 120 keer per seconde. Lees je een stilstaande pagina, dan kan het veel minder vaak verversen en zo stroom besparen. De telefoon regelt dat zelf. Wanneer je er iets aan hebt, lees je in wat een LTPO-scherm is.
PWM-dimmen
Een manier van dimmen waarbij het licht van het scherm heel snel pulseert.
PWM staat voor pulse width modulation, pulsbreedtemodulatie. Doordat het scherm steeds heel kort meer en minder licht geeft, lijkt het gemiddeld donkerder. De meeste mensen zien dat niet bewust, maar sommige mensen krijgen er last van, vooral bij een lage helderheid. Ben je daar gevoelig voor, probeer een telefoon dan op de helderheid die je ’s avonds gebruikt. Meer in PWM en schermflikkering.
Prestaties en opslag
Processor
De chip die de opdrachten van apps uitvoert en met de grafische chip de beelden van games tekent.
Een snelle processor helpt bij zware games en videobewerking. Voor berichten, bellen en internetten is veel minder rekenkracht nodig. Hoe lang een telefoon snel blijft bij zwaar werk, hangt ook af van de koeling: een warm toestel kan zichzelf afremmen. Meer in wat de processor zegt over de snelheid.
Werkgeheugen (RAM)
Het geheugen waarin de telefoon de apps en gegevens bewaart die hij op dat moment gebruikt.
Met meer werkgeheugen kan de telefoon meer apps tegelijk open houden. Wissel je tussen een lange webpagina, de camera en een game, dan hoeft een app minder vaak opnieuw te laden. Werkgeheugen is iets anders dan de opslag voor je foto’s. In de tabel staat alleen het fysieke werkgeheugen, de geheugenchips in de telefoon. Hoeveel je nodig hebt, lees je in hoeveel werkgeheugen je telefoon nodig heeft.
Virtueel werkgeheugen
Een deel van de opslag dat de telefoon gebruikt als extra werkgeheugen.
Staat er bij een telefoon ‘8 + 8 GB RAM’, dan is de eerste 8 GB meestal echt werkgeheugen en de tweede 8 GB gereserveerde opslag. Daarmee kan de telefoon gegevens van apps langer bewaren, al is opslag trager dan echt werkgeheugen. Die ruimte gaat ook af van de opslag voor je foto’s. Meer in wat virtueel RAM doet.
Opslag
De ruimte voor apps, foto’s, video’s en bestanden, in GB of TB.
GB staat voor gigabyte en TB voor terabyte. Met 256 GB heb je ongeveer twee keer zoveel ruimte als met 128 GB, al gebruiken het besturingssysteem en de meegeleverde apps een deel daarvan. Film je veel in 4K of bewaar je grote games, kies dan bij de aankoop meer opslag. Hoeveel je nodig hebt, lees je in 128, 256 of 512 GB.
UFS-opslag
Een techniek voor de ingebouwde opslag van veel Android-telefoons.
UFS staat voor Universal Flash Storage. Een nieuwere versie, zoals UFS 4.0, kan sneller lezen en schrijven dan UFS 3.1, wat helpt bij apps openen, video opnemen en grote bestanden kopiëren. Binnen één model kan de versie verschillen: Notebookcheck beschrijft bij de Galaxy S25 UFS 3.1 voor 128 GB en UFS 4.0 voor 256 en 512 GB. Meer in UFS-opslag.
Geheugenkaart
Of je de opslag kunt uitbreiden met een microSD-kaart.
Heeft de telefoon een kaartslot, dan bewaar je extra foto’s, video’s en muziek op een geheugenkaart. Het werkgeheugen wordt daar niet groter van, en niet elke app kan op de kaart staan. Bij sommige telefoons deelt de geheugenkaart de plek met een tweede simkaart, zodat je moet kiezen.
Camera
Hoofdcamera
De camera waarmee je meestal fotografeert zonder in te zoomen.
Het getal in MP, megapixel, geeft aan hoeveel miljoen beeldpunten de sensor heeft. Meer megapixels kunnen meer detail geven, vooral als je later een stuk uit de foto uitsnijdt. Hoe goed een foto wordt, hangt ook af van de grootte van de sensor, de lens en de beeldverwerking. Lees waarom meer megapixels niet altijd betere foto’s geven.
Diafragma
De opening waardoor licht de camera binnenkomt, aangeduid met een f-getal.
Hoe kleiner het f-getal, hoe groter de opening: bij een vergelijkbare lens laat f/1,8 meer licht door dan f/2,4. Dat helpt bij weinig licht. Welke camera de beste foto maakt, hangt ook af van de sensor en de software. Meer in diafragma op een telefooncamera.
Camerasensor en sensorformaat
Het onderdeel dat het licht opvangt, en hoe groot het is.
Een grotere sensor vangt meer licht op en kan daardoor, bij vergelijkbare techniek, betere foto’s maken bij weinig licht. Het formaat staat in een oude inch-notatie, zoals 1/1,3 inch, die je niet letterlijk kunt nameten. Binnen die notatie is 1/1,3 inch groter dan 1/2 inch: hoe kleiner het getal onder de streep, hoe groter de sensor. Meer in wat het sensorformaat zegt.
Optische beeldstabilisatie (OIS)
Een bewegend onderdeel in de camera dat kleine trillingen van je hand opvangt.
OIS staat voor optical image stabilization. Bij weinig licht moet de camera langer belichten, en dan helpt OIS om de foto scherp te houden. Ook video’s ogen rustiger als je loopt. Een rennend kind of huisdier houdt OIS niet stil, want dat onderwerp beweegt zelf. Het verschil met elektronische stabilisatie lees je in OIS en EIS.
Ultragroothoekcamera
Een camera die een breder beeld vastlegt dan de hoofdcamera.
Daarmee krijg je een groep mensen, een kleine kamer of een gebouw van dichtbij in één foto, zonder achteruit te lopen. Bij sommige telefoons stelt de ultragroothoekcamera ook heel dichtbij scherp en gebruikt de telefoon hem voor macrofoto’s, bijvoorbeeld van een bloemdetail. Meer in ultragroothoek en macro.
Resolutie ultragroothoekcamera
Hoeveel megapixel de ultragroothoekcamera heeft.
Bij de iPhone 17 is dat 48 MP, bij de iPhone 16 12 MP. Meer beeldpunten helpen vooral bij goed licht en als je een stuk uit de foto uitsnijdt. Voor de kwaliteit telt ook of de randen van de foto scherp blijven en hoe de camera het doet bij weinig licht.
Telecamera
Een aparte camera die onderwerpen op afstand groter in beeld brengt.
Met een telecamera fotografeer je iemand aan de overkant van de straat of een detail van een gevel zonder ernaartoe te lopen. Dat geeft meer detail dan een stuk uit de foto van de hoofdcamera vergroten. Veel telecamera’s hebben één vaste vergroting, zoals 3× of 5× ten opzichte van de hoofdcamera. Meer in optische en digitale zoom.
Periscooptelecamera
Een telecamera die het licht met een spiegel of prisma opzij door de telefoon stuurt.
Een lens die ver vergroot, heeft meer ruimte nodig dan er in de dikte van een telefoon is. Bij een periscoopconstructie liggen de lens en de sensor daarom in de lengte of breedte van het toestel. Zo past een telecamera met bijvoorbeeld 5× vergroting in een dunne telefoon. Hoe scherp de foto’s worden, hangt af van de sensor, de scherpstelling en de stabilisatie. Meer in telecamera en periscoopcamera.
Telecamera: resolutie en bereik
Hoeveel megapixel de telecamera’s hebben en hoe ver ze vergroten.
Sommige telefoons hebben twee telecamera’s, bijvoorbeeld een voor 3× en een voor 5×. Tussen die standen gebruikt de telefoon meestal een uitsnede uit een van de camera’s, aangevuld met software. Een telecamera met meer megapixels kan bij zo’n uitsnede meer detail bewaren.
Langste afzonderlijke telecamera (t.o.v. 1×)
De sterkste vergroting van een aparte telecamera, vergeleken met de hoofdcamera.
Met een 5× telecamera komt een onderwerp 5 keer zo groot in beeld als met de hoofdcamera op 1×. Een hoog digitaal zoomgetal, zoals 100×, is iets anders: dan snijdt de telefoon een klein stukje uit het beeld en vult de software details aan. In de tabel staat daarom alleen het bereik van een echte telecamera.
Selfiecamera
De camera aan de voorkant, voor selfies en videobellen.
Naast het aantal megapixels tellen de beeldhoek en de scherpstelling. Een brede beeldhoek helpt om een groep in beeld te krijgen, en met autofocus blijft je gezicht scherp als je de telefoon dichterbij of verder weg houdt. De iPhone 17 heeft daarnaast Center Stage, dat de uitsnede aanpast zodat iedereen in beeld blijft. Meer in autofocus op de selfiecamera.
Videomogelijkheden (4K, fps)
In welke resolutie en met hoeveel beelden per seconde de telefoon kan filmen.
4K en 1080p geven aan hoeveel detail een video heeft. Het aantal beelden per seconde (fps) zegt hoe vaak de camera een nieuw beeld vastlegt: met 60 fps oogt beweging vloeiender dan met 30 fps. Een video in 4K met 60 fps neemt veel meer opslag in dan dezelfde video in 1080p met 30 fps. Welke stand je kiest, lees je in 4K met 30 of 60 fps.
Batterij en opladen
Batterijcapaciteit (mAh)
Hoeveel elektrische lading de batterij kan bevatten, in milliampère-uur (mAh).
Bij vergelijkbare telefoons betekent meer mAh een grotere voorraad: 5.000 mAh is ruim een derde meer dan de 3.692 mAh van de iPhone 17. Hoe lang je met een volle batterij doet, hangt ook af van het verbruik van scherm, processor en apps. Kijk voor de gebruiksduur daarom naar een accutest of naar de accuduur per laadcyclus op het EU-energielabel. Meer in batterijcapaciteit en accuduur.
Laadvermogen via de kabel (W)
Het hoogste vermogen in watt (W) waarmee de telefoon via de kabel kan laden.
Meer watt kan sneller laden, maar de telefoon houdt het maximum maar een deel van de laadbeurt vol. Je hebt er ook een passende lader en kabel voor nodig: de Galaxy S25 Ultra laadt tot 45 W met een adapter die USB Power Delivery en PPS ondersteunt en een kabel voor 5 ampère. Hoe lang je moet wachten, zie je beter aan de gemeten laadtijd. Meer in snelladen uitgelegd.
Laadtijd en gebruikte lader
Hoe lang opladen in een test duurde, tot welk percentage en met welke lader.
Een tijd tot 50% is minder dan de helft van de tijd tot vol, want de laatste procenten gaan langzamer. Apple noemt voor de iPhone 17 bijvoorbeeld 50% binnen 20 minuten met een adapter van 40 W of meer, maar geen tijd tot vol. Met een andere lader kan de laadtijd anders uitvallen, en daarom staat de gebruikte lader erbij, met de bron van de meting.
Video afspelen (Apple-test)
Hoeveel uur een iPhone volgens Apple een video kan afspelen.
Apple meet dit onder eigen testvoorwaarden en noemt voor de iPhone 17 tot 30 uur. Een dag met navigatie, foto’s en bellen vraagt meer van de batterij. Vergelijk dit getal daarom met dezelfde Apple-test bij een andere iPhone, en voor andere merken met de accuduur op het EU-energielabel.
Draadloos opladen
Opladen door de telefoon op een laadmat of houder te leggen, zonder kabel in het toestel.
De lader zelf zit wel met een kabel aan het stopcontact. Draadloos laden is handig op je nachtkastje of in de auto, maar gaat meestal langzamer dan via de kabel. Een dikke of ongeschikte hoes kan het laden verstoren. Meer in draadloos of bedraad opladen.
Draadloos laadvermogen
Het hoogste vermogen waarmee de telefoon draadloos kan laden, in watt.
Dat maximum haal je alleen met een geschikte laadmat en voeding. De Galaxy S26 Ultra laadt draadloos tot 25 W, de meeste andere Galaxy S-modellen tot 15 W. Op een eenvoudige draadloze lader gaat het vaak langzamer.
Draadloze laadstandaard (Qi, Qi2, MagSafe)
Welk systeem voor draadloos laden de telefoon ondersteunt.
Qi is de gangbare standaard: telefoon en lader hebben spoelen die goed tegenover elkaar moeten liggen. Qi2 voegt magneten toe, zodat de telefoon op de goede plek blijft liggen, met laders voor 15 W en onder de naam Qi2 25W voor 25 W. MagSafe is het magnetische systeem van Apple, Pixelsnap de naam van Google voor zijn magnetische accessoires. Het laadvermogen hangt af van telefoon, lader en voeding samen. Meer in Qi, Qi2 en MagSafe.
USB Power Delivery en PPS
Laadtechnieken waarmee lader en telefoon via USB-C afspreken hoeveel vermogen er wordt geleverd.
Met USB Power Delivery (PD) kiezen telefoon en lader samen een spanning en stroomsterkte die ze allebei aankunnen. PPS, voluit Programmable Power Supply, is een uitbreiding waarmee ze de spanning tijdens het laden in kleine stappen bijstellen. Een telefoon die PPS nodig heeft voor zijn hoogste laadstand, zoals de Galaxy S25 Ultra voor 45 W, laadt met een lader zonder PPS langzamer. Meer in USB Power Delivery en PPS.
Software en updates
Besturingssysteem
De basissoftware die de bediening regelt en apps laat draaien.
iPhones gebruiken iOS, de meeste andere telefoons Android. Fabrikanten geven Android een eigen uiterlijk en extra functies, zoals One UI bij Samsung en Nothing OS bij Nothing. De verschillen die je dagelijks merkt, lees je in Android of iOS.
Software bij introductie
De versie van Android of iOS waarmee het model op de markt kwam.
Een telefoon die je nu koopt, heeft na het installeren van updates vaak al een nieuwere versie. Aan de introductieversie zie je tot welke versie een belofte reikt. De Xiaomi 17T kwam bijvoorbeeld uit met Android 16 en krijgt 4 grote upgrades, tot Android 20.
In Nederland verkrijgbaar sinds
De maand waarin het model volgens de fabrikant in Nederland te koop kwam.
Bij de Galaxy S25 was dat februari 2025, volgens het persbericht van Samsung Nederland. Een updatebelofte begint niet altijd in die maand: Google telt bijvoorbeeld vanaf de eerste verkoop in de Amerikaanse Google Store. Hoe lang een model updates krijgt, staat daarom apart bij de beveiligingsupdates.
Softwareondersteuning
Wat de fabrikant belooft aan nieuwe softwareversies en beveiligingsupdates.
Een belofte bestaat vaak uit twee delen: een aantal nieuwe Android-versies en een periode met beveiligingsupdates. Samsung belooft de Galaxy S26 bijvoorbeeld 7 nieuwe Android-versies en beveiligingsupdates tot en met 28 februari 2033. De meeste fabrikanten tellen vanaf de introductie van het model of noemen een vaste datum, dus koop je later, dan heb je minder jaren over. De beloftes per merk staan op hoe lang krijgt mijn telefoon updates.
Beveiligingsupdates tot (fabrikant)
De laatste maand waarin de fabrikant volgens zijn eigen opgave nog beveiligingsupdates belooft.
Samsung, Xiaomi, Motorola en veel andere merken noemen die datum per model zelf. Bij Google rekenen we hem uit: 7 jaar vanaf de eerste verkoop in de Amerikaanse Google Store, voor de Pixel 10 dus tot augustus 2032. Apple noemt geen einddatum. Na die maand blijft de telefoon werken, maar lekken die later worden ontdekt, worden niet meer gedicht.
OS-update
Een nieuwe versie van het besturingssysteem, zoals Android 17 of iOS 27.
Een OS-update kan nieuwe functies brengen en de bediening veranderen. Fabrikanten beloven er meestal een aantal van, bijvoorbeeld 4 of 7 nieuwe Android-versies. Niet elke functie van een nieuwe versie werkt op elke telefoon: Apple Intelligence vraagt bijvoorbeeld een iPhone 15 Pro of een nieuwer model.
Beveiligingsupdate
Een update die lekken in de software van je telefoon dicht.
Google publiceert elke maand een overzicht van verholpen lekken in Android, en fabrikanten verwerken die in hun eigen updates. De Android-versie blijft daarbij gelijk. Sommige telefoons krijgen elke maand een beveiligingsupdate, andere elk kwartaal: Samsung zet de Galaxy S-modellen op de maandelijkse lijst en de meeste A-modellen op de lijst per kwartaal. Op een Android-telefoon zie je in de instellingen van welke datum de laatste beveiligingsupdate is.
Verbinding
Aansluiting (USB-C)
De poort voor opladen en voor een kabel naar bijvoorbeeld je computer.
USB-C is de vorm van de stekker, die je er aan twee kanten in steekt. Over de snelheid zegt die vorm weinig: de iPhone 17 heeft USB-C met de snelheid van USB 2, terwijl andere telefoons met dezelfde stekker veel sneller bestanden overzetten. De iPhone 14, 13 en SE (3e generatie) hebben een Lightning-aansluiting. Meer in USB-C op telefoons.
USB-gegevensoverdracht
Hoe snel de telefoon via de USB-kabel bestanden kan overzetten.
USB 3 kan grote bestanden, zoals video’s, veel sneller kopiëren dan USB 2, als de telefoon, de kabel en de computer die snelheid allemaal ondersteunen. Beeld naar een extern scherm sturen is een aparte functie, die je ook apart in de specificaties moet opzoeken.
3,5-mm-koptelefoonaansluiting
Een ronde aansluiting voor een bedrade koptelefoon of oordopjes.
Met deze aansluiting gebruik je een gewone bedrade koptelefoon zonder verloopstuk. Van de telefoons op deze site hebben onder meer de Sony Xperia 1 VII en 10 VII en de Motorola Moto G56 5G er een. Zonder aansluiting heb je een verloopstuk van USB-C naar 3,5 mm of draadloze oordopjes nodig.
Simconfiguratie
Welke en hoeveel simkaarten je in de telefoon kunt gebruiken.
Een nanosim is het kleine plastic kaartje in de simlade, een eSIM een digitale simkaart die je in de telefoon activeert. Bij veel telefoons gebruik je een nanosim en een eSIM tegelijk, bijvoorbeeld voor werk en privé. De Amerikaanse uitvoering van de iPhone 14 en nieuwer heeft geen simlade en werkt alleen met eSIM.
eSIM
Een digitale simkaart die je in de telefoon activeert in plaats van een kaartje in een lade.
Je activeert een eSIM meestal met een QR-code of in de app van je provider. Zowel de telefoon als je provider moet eSIM ondersteunen. Bij de iPhone 13 en nieuwer kunnen twee eSIMs tegelijk actief zijn. Meer in eSIM en dual sim.
Dual sim
Twee simkaarten, en dus twee telefoonnummers, op één telefoon.
Dat kan met twee kaartjes, met een kaartje en een eSIM of met twee eSIMs, afhankelijk van het model. Het is handig voor een werk- en een privénummer, of voor een eSIM met internet tijdens een reis. Een iPhone gebruikt voor mobiele data één nummer tegelijk, dus twee simkaarten maken je internet er niet sneller op. Of je tijdens een gesprek op het andere nummer bereikbaar blijft, hangt af van de telefoon en de instellingen.
NFC
Een draadloze verbinding over heel korte afstand, onder meer voor contactloos betalen.
Houd je de telefoon bij een betaalautomaat, dan regelt NFC de verbinding voor de betaling. Daarvoor heb je ook een betaalapp nodig die je bank ondersteunt, zoals Apple Pay of Google Wallet. Meer in NFC op je telefoon.
Wifi
De draadloze verbinding met internet via je router thuis of een hotspot.
Nieuwere versies, zoals wifi 6E en wifi 7, kunnen sneller werken en meer apparaten tegelijk aan. Wifi 6E voegt de 6GHz-band toe, die je alleen gebruikt met een router die dat ook kan. Wat je ervan merkt, hangt ook af van je router en je internetabonnement. Meer in wifi 6, 6E en 7.
Bluetooth
De draadloze verbinding met apparaten dichtbij, zoals oordopjes, een horloge of de auto.
Een nieuwe functie van een nieuwere Bluetooth-versie werkt pas als telefoon en accessoire die allebei ondersteunen. Voor de geluidskwaliteit telt vooral welke audiocodec beide apparaten gebruiken. Meer in Bluetooth en audiocodecs.
5G
De vijfde generatie mobiele netwerken, voor internet buiten wifi.
5G kan sneller zijn dan 4G en meer gebruikers tegelijk aan. Hoe snel het bij jou is, hangt af van de dekking, de drukte en je abonnement. Een telefoon uit het buitenland ondersteunt soms niet alle 5G-frequenties die in Nederland worden gebruikt. Meer in 5G-banden en een geïmporteerde telefoon.
EU-energielabel
EU-energielabel
Het Europese label voor smartphones met onder meer de energieklasse, accuduur, repareerbaarheid en bescherming.
Sinds 20 juni 2025 krijgen smartphones die in de EU op de markt komen dit label. Je vindt er de energieklasse, de accuduur per laadcyclus, het aantal laadcycli, de repareerbaarheidsklasse, de valbestendigheidsklasse en de IP-code. Alle gegevens staan ook in de Europese productdatabank EPREL. De iPhone 17 heeft bijvoorbeeld energieklasse A, 41 uur accuduur per cyclus en repareerbaarheidsklasse C. Hoe je het label leest, staat in het energielabel van een smartphone lezen.
EU-energieklasse
Hoe zuinig de telefoon is volgens de Europese regels, op een schaal van A tot G.
A is het zuinigst en G het minst zuinig. De iPhone 17 heeft klasse A. Wil je weten hoe lang je met een volle batterij doet, kijk dan naar de accuduur per laadcyclus op hetzelfde label.
Accuduur per laadcyclus (EU-test)
Hoe lang de telefoon in de Europese test werkt op één volle batterij, in uren en minuten.
Elke fabrikant gebruikt dezelfde gestandaardiseerde test, zodat je de uitkomst tussen merken kunt vergelijken. De iPhone 17 haalt 41 uur. Bij je eigen gebruik kan de tijd korter of langer uitvallen, omdat je de telefoon anders gebruikt dan in de test.
Laadcycli tot 80% capaciteit (EU-opgave)
Hoe vaak de batterij volgens de fabrikant volledig kan laden en ontladen voordat er 80% van de capaciteit over is.
Een cyclus is één volle lading, ook als je die verdeelt over meerdere kleinere laadbeurten. Volgens de EU-regels moet een batterij na minstens 800 cycli nog 80% van zijn capaciteit hebben, en voor de iPhone 17 geeft Apple minstens 1.000 cycli op. Laad je ongeveer één keer per dag helemaal op, dan zijn 1.000 cycli een kleine 3 jaar.
Repareerbaarheidsklasse (EU)
Hoe goed de telefoon te repareren is volgens de Europese beoordeling, van A tot E.
A is het best te repareren, E het slechtst. De klasse volgt uit een index met onder meer hoe makkelijk de telefoon uit elkaar gaat, welk gereedschap nodig is, of er onderdelen zijn, hoe lang er software-updates komen en of er reparatie-informatie is. De iPhone 17 heeft klasse C, met een index van 2,82 uit 5. Wat een reparatie kost, lees je er niet aan af. Meer in de repareerbaarheid van een telefoon beoordelen.
Valbestendigheidsklasse (EU)
Hoe goed de telefoon in de Europese valtest bestand was tegen herhaald vallen, van A tot E.
A is het stevigst, E het minst stevig. In de test valt de telefoon herhaaldelijk, en geteld wordt hoe vaak dat kan zonder dat hij defect raakt. De iPhone 17 doorstond minstens 180 vallen en kreeg klasse B.